Triode Dick's Page
Annastasia
Een buizenbak voor alleman... (2)
Update:26-1-2003

De koppel condensatoren.

Een plek waar niet bezuinigd moet worden. Eerst een kwartet Audyn 0,33uF MKP's in de versterker. Het geluid was te dun en te levenloos. Geen succes. Vervolgens wat MIT capjes er in. Nee, het werd snel duidelijk dat er wat aan leven verloren ging. Toch maar doorgepakt en Auricaps besteld bij AE in Schagen, sinds kort leverancier van deze prachtige condensatoren. Bingo! Ondanks dat ze koud in de versterker zaten was het al een stuk beter dan de vorige pogingen. Na een paar dagen is het geluid nog verder open gebloeid. Dit houden we er in. Een waarschuwing is hier op zijn plaats. Gebruik alleen condensatoren van een onbesproken kwaliteit als koppelcondensator. Controleer oude olie C's op elektrische lekkage. De minste lek kan je de eindbuizen kosten. De instelling van de buis begint dan langzaam te verlopen. Dit zuig ik niet zo maar uit mijn duim, ik werd het laatste jaar al vaker geconfronteerd met condensatoren die niet meer jofel waren, met catastrofale gevolgen voor dure eindbuizen, en als het helemaal tegenzit, tevens het eindpunt van het werkbare leven van een UGT… Triest maar waar.

Waar komen die rotte dingen vaak weg? Van de tweedehands markt. Oude Jensen papier in olie c's bijvoorbeeld. Die al jaren in een tv zijn gebruikt en na de sloop van het apparaat in de onderdelenvergaarbak terecht komen. Jensen maakt al vele decennia condensatoren voor o.a. de radio en tv fabricage. Later kwam daar via Audionote de faam bij voor gebruik in audioschakelingen. Maar het leeuwendeel wat je op rommelmarkten tegenkomt zat in oude radio's en tv's. De condensatoren zijn na dat lange leven al behoorlijk gaar en alleen rijp voor de afval.

En dan zie ik weer een hobbyist verlekkert kijken bij de vondst van één of meer van die oude dingen, waar alleen de naam Jensen het hart al in overdrive zet, en een blik in de ogen tovert of er goud is gevonden. De rommel is vaak herkenbaar aan de blauwe kleur. Helaas, geen goud, maar meer een tijdbom voor je versterker…

Controleer ook oude mil spec condensatoren nauwgezet op lekstroompjes. Weet je niet hoe dat moet? Gebruik ze dan gewoon niet en speel op save. Gebruik bijvoorbeeld de genoemde Auricaps of andere hagelnieuwe goede condensatoren. Een buizenbak kan veilig als een Leopart tank in vredestijd zijn, maar je moet daar wel zelf aan mee werken. Ik moet hier wel aan toevoegen dat ik nog geen Sprague Vitamin Q condensatoren ben tegengekomen die een lek vertoonden. De extreem goede behuizing zal daar voor een groot deel debet aan zijn.

De weerstanden heb ik in een elektronicawinkeltje gekocht. Ze hadden daar van die mooie dikke 2 watt carbon weerstanden. Maar ook de bekende lichtblauwe gekleurde 'Beyslag' weerstand is hier op zijn plek. Te koop bijvoorbeeld bij 'Conrad'. De weerstand van 13K5 heb ik gemaakt met twee parallel geschakelde 2 watters. En de 450 Ohm weerstand in de kathode van de eerste trap ontstond door 4 maal 1K8 parallel. Gewone half watters voldoen daar al ruimschoots. Er wordt op dat punt haast niets aan vermogen gestookt. Bij de kathodeweerstanden lijkt het misschien wat groots met die 9 watt weerstand types, maar ik vond een 5-watter toch wat te warm worden.

Als ontkoppeling van de kathodeweerstanden in de eerste trap en van de eindbuizen heb ik Elna cerafine elco's gebruikt, maar in principe zijn er meer keuzes, zelfs Black Gate C's zijn nog wel betalen. 50 of 63 volt types aan de eindbuizen en 16 volt in de voortrap. De laatste is wel nodig om de totale versterking op peil te houden. De ingangsgevoeligheid is 1 volt voor vol vermogen, dat rond de twintig watt ligt.

'Wat zeg je?, ik versta je niet'… Je houd het niet voor mogelijk hoe 20 buizenwatts je kamer kunnen vullen met muziek. De volumeregelaar is een blauwe Alps potmeter. Gebruik geen pruts pot hier, waarvan de kanaalgelijkheid ver is te zoeken. Je irriteert je mateloos. De Alps is van prima kwaliteit. Wil je beter, dan zijn er nog de Panasonic of Nobel. De mooiste, en verreweg de duurste, zijn de 24-stappers. Een weerstandwaarde van de regelaar tussen 50 en 100 K is goed bruikbaar.

De keuzeschakelaar in deze versterker komt gewoon weer uit de elektronicawinkel. Gewoon van goede kwaliteit, niet meer en niet minder. Laat je niet belemmeren als je een 'Elma' of zo wilt gebruiken. Is uitstekend.

Zoals ik al vertelde, de uiteindelijke speakersystemen waren de 'Vifa Vivace'. De laatste versie van deze mooie bouwkit. Ik zag ze staan in een advertentie op de 'hear punt nl'. Het bleken netjes gebouwde kasten, wat haast niet anders kan met die handige gezaagde houtpakketten, die evenals veel andere Vifa ontwerpen, een heel buisvriendelijke belasting vormen. De impedantie ligt gemiddeld rond de 8 Ohm en het rendement is een bovengemiddelde 91 dB/m. Het vorige type van de Vivace staat bij de man waar de 'Stanley' 300B versterker huisvest, mijn oude buurjongen. En die 'schamele' 9 watter heeft ook geen enkel probleem met die speakers, in een niet eens zo kleine huiskamer.

Het is echt niet slechts het rendement wat telt bij de keus van speakers die bij een buizenbak passen, het is vooral een niet te complexe belasting, waaronder de impedantie, wat belangrijk is. Te complexe filters waar erg steile filterhellingen worden toegepast en correctie op correctie, met allerlei RLC netwerkjes, worden gebruikt en vragen zoveel vermogen, dat de versterker zich er in verslikt. Er worden veel grotere stroompieken gevraagd dan nodig lijkt te zijn. En reken ook maar dat niet alleen een buizenversterker daar problemen mee heeft…

Ik heb ook nog andere eindbuizen in de versterker gehad, waarvan de Russische 5881 het ook heel prettig deed. Aan de instellingen hoefde niks te worden gewijzigd. De Rus is wat donkerder van karakter, maar gelukkig niet te overdreven. De JJ is hier wat neutraler in weergave.

Even opletten...

Let wel op de wat afwijkende pinbezetting van de 7027. Als je het handig aanpakt, is de 5881 zondermeer uitwisselbaar. Bij de 7027A zijn sommige aansluitpennen parallel aangesloten in de buis zelf, waar bij een 6L6 en 5881 een paar pennen niet zijn aangesloten. Bij een vergelijk tussen de beide zie je snel welke pennen wel overeen komen en die kun je het beste gebruiken als je in de toekomst eens wilt wisselen van buizen. De uitwisselbare aansluitmethode is die welke in het schema is te zien.


De voedingstrafo....

Nog even wat over de wikkeling die de gloeispanning levert voor de ECC99. Deze wikkeling is zo gemaakt: 7 - 3,15 - 0 - 3,15 - 7 volt. Gebruik je een 6,3 volt buis, dan komt de gloeispanning vanaf de beide 3,15 volt aansluitingen, wat 6,3 volt maakt. De middenaftak, de 'nul' dus, komt aan massa. De gloeispanning ligt zo mooi symmetrisch aan massa, wat de signaal/brom aftand ten goede komt. Maar heb je een buisje wat alleen op 12,6 volt (een 12SN7 bijvoorbeeld) gloeit? Dan kun je de spanning van de beide 7 volt taps gebruiken, deze 14 volt spanning gelijk richten en met een spanningsregelaar op de gewenste spanning zetten. Deze mogelijkheid op de trafo is gemaakt om het allemaal wat universeler bruikbaar te maken. Beter mee verlegen, dan om verlegen… De rest is gewoon rechttoe rechtaan. Vergeet vooral niet de nullen aan massa te leggen. Anders is een flinke hummmmm je beloning. En zo als ik al zei, deze versterker kan razend stil zijn... Op de opbouwpagina zie je de verdere bouwdetails…

Annastasia deel 1 Inleiding en beschrijving...
Annastasia deel 2 Beschrijving vervolg.... (deze pagina)
Annastasia deel 3 Opbouw met veel foto's (deel 1) ...
Annastasia deel 4 Opbouw met veel foto's (deel 2) ...
   
Schema versterker  
Schema voeding  
   
Trafoset en buizen www.ae-europe.nl
Philips elco's Machmat
Conrad rlektronica www.conrad.nl