update:13-6-01

Triode Dick's Page
Centurion.
Een niet moeilijke 300B single ended versterker.
vervolg...

De bedrading begin ik meestal bij de lichtnetaansluiting. Van de euro entree met ingebouwd filter naar de schakelaar en smeltveiligheidhouder. De schakelaar schakelt dubbelfazig en is overbrugd met twee condensatoren van 0.22 uF/630V, om inbranden van de schakelcontacten te voorkomen. Vandaar gaat het naar de voedingstrafo. Omdat deze al ingegoten is waren zoals je al zag de aansluitdraden voor de montage op het chassis al aangebracht. De gloeispanningdraden voor de 300B's heb ik lang genoeg gelaten om rechtstreeks naar de buisvoeten te kunnen laten gaan.

Vervolgens de luidsprekerterminals met behulp van kabelschoentjes aanbrengen. Daarna kunnen de twee Solen voedingscondensators weer op hun plek worden aangebracht. Vergeet niet de min pool van de luidsprekeraansluitingen aan chassismassa te leggen. Veiligheid staat voorop immers... Er zijn lieden die zweren bij zwevende luidsprekeraansluitingen. Klinkt beter (?). Maar als er onverhoopt wat mis gaat in de versterker en er ontstaat doorslag tussen primair en secundair in de UGT, staat er wel 450 Volt op de uitgangsklemmen! De luidspreker geeft met veel vlag en rookvertoon de geest en wie weet de eigenaar ook, als hij op een verkeerde tijd op de verkeerde plek is...! Niet doen!

Als chassis massa aansluiting heb ik met zes soldeerstrips een steraardepunt gemaakt. En met een kartelring aan het chassis geschroefd. Om een goed kontact te waarborgen. Alle punten in de schakeling die naar massa moeten gaan naar dit punt. Je moet geen aardlussen in een versterker maken. Die geven vaak een vervelende brom. Ook het chassis maar op een punt aarden. Het laatst wat willen zijn ongecontroleerde stromen in de chassisplaat, die weer aanleiding geven tot stoorspanningen. Een buizen bak kun je erg mooi stil krijgen als je op de goeie aarding let. Een brombak is niet gewenst en ook niet nodig.

Alle bekabeling die een wisselstroom voeren moeten absoluut getwist worden. Anders kunnen die makkelijk brom veroorzaken. Twisten is een effectieve manier om dat te voorkomen. De eerste condensatoren liggen kort aan het massapunt. Maak geen onnodig lange leidingen. De kortste weg is de beste weg. Maak ook geen nette bundels of een kabelboom! Lijkt inderdaad heel netjes, ik heb er vele geknoopt in het verleden, maar dat is hier ook de beste manier om de bedrading onderling rommel uit te laten wisselen. Vooral als je wissel en gelijkstroom door elkaar gebruikt, zoals in een buizenbak gebeurd. Twee draden naast elkaar hebben immers ook enige capaciteit. Hoe hoger de frequentie, hoe makkelijk het "overspringt". Die capaciteit onderling houden we dus zo laag mogelijk.

Ook een punt van waakzaamheid: gebruik op aanraakmakkelijke spanningsvoerende punten krimkousjes. Als je metingen moet doen als de versterker af is wil je niet te pas en te onpas een rotschok voelen.
Als ik dit alles zo opnoem lijkt het net alsof er van alles verkeerd gaat of in ieder geval kan gaan. Dat is natuurlijk wel waar, maar met een beetje beleid en veiligheidsbewust bezig zijn gaat er echt meer goed dan verkeerd.

In audiogerelateerde lectuur lees je toch al vaak wat er allemaal "fout" kan gaan in de muziekinstallatie. Soms zoveel dat je maar liever een minisetje koopt om van alle gedonder af te zijn. Maar geloof me, met een versterker als dit kan het heel goed gaan. De puntjes van oplettendheid haal ik vooral aan om bewust bezig te blijven. In eerste instantie uit veiligheid. Wordt nooit te makkelijk met de hoge spanning die er in onze buizenversterkers gebruikt wordt. Blijf je scherp, is er niks mis en is een buizenbak niet onveiliger dan een solid state apparaat. Vandaar dat ik soms wat belerend moet doen. Want als je in de vele mailtjes die ik krijg kon lezen wat er soms uitgehaald wordt... Ik zit soms met kromme tenen voor de monitor...

 

 

 

 

 

 

 

De in deze versterker gebruikte driver is makkelijk van opbouw. Een mu-follower gemaakt met een 6SL7GTA

Omdat ik hier een mu-follower gebruik, een SRPP met een extra bootstrap weerstand als het ware, zijn de weerstanden het makkelijkst op de buisvoet zelf te solderen. Er zitten immers mooie stevige soldeerlippen op die voet. Weer verreweg de kortste route dus. En dat zal zich vertalen in kwaliteits-winst. Op de soldeerstrip naast de voet voor de eindbuis heb ik een paar lippen doorverbonden om een hulp aardpunt te maken. Daar komen alle massa aansluitingen van de stuurtrap aan. Zo ontstaat een heel kort signaalcircuit. Waarom eerst via de centrale steraarde heen en terug? Van dat hulp punt gaat er een draad naar de ster. Deze methode van hulpmassapunten gebruik ik al geruime tijd en de resultaten zijn uitstekend.


De gloeispanning van de stuurbuis moet "opgetild worden om het spanningsverschil tussen de kathode en gloeidraad binnen de perken te houden. Omdat de stuurtrap op 400 Volt werkt kan het net op de aanbevolen spanning van +/-100. De gloeispanning zet ik dus op 100 Volt. Met behulp van een spanningsdeler. Op de foto zie je ook nog twee balansweerstanden (bruine types bovenop). Die zijn nodig omdat de 6,3 Volt op de hier gebruikte voedingstrafo geen middenaftak op deze trafowikkeling heeft. In het schema heb ik dat wel getekend. Beide methodes werken in deze situatie uitstekend. Tussen de 22 en 47 Ohm is ook hier bruikbaar. Niet kritisch. 1 Watt types of hoger gebruiken.

Over het vermogen van de weerstanden nog even het volgende. Ik krijg regelmatig vragen of er ook een 2 Watter mag worden gebruikt waar ik 1 Watt aangeef. Tuurlijk kan dat. De 1 Watter is het minimum wattage. Meer mag altijd. Minder niet. Of je moet zelf de vermogensdisipatie kunnen berekenen. Kan je zelf zien of je met minder toe kan. Ga nooit op het randje zitten. Ik houd zelf ongeveer aan dat als er 1 Watt verstookt wordt, er minimaal een 3 Watt weerstand ingezet wordt. Vaker ligt die verhouding nog ruimer. Heeft alles met mijn opleiding te maken voor het construeren van militaire apparatuur. Het mag niet kapot gaan, en moet weinig warmte ontwikkelen. Zeer lange levensduur is een primair punt in mijn hobby.
Maar je kunt ook overdrijven. Een mug dood willen slaan met een voorhamer of zo.... Soms willen mensen 1 of meer watters gebruiken in volumeregelaars met 24 stappen. Dan zeg ik: Ga je gang! Stuur wel even een foto, want dan valt er weer wat te lachen! In de volume stepper worden uiteraard gewone kwartwattertjes gezet. Vermogen wordt er immers niet verstookt!


Zou ik alleen een spanningsdeler gebruiken om de spanning te liften, is een dikke restbrom het resultaat. De weerstand naar massa toe wordt dus ook nog ontkoppeld met een condensator van 0,47uF/400V. Ik heb een polyester condensator gebruikt. Waarom? Om dat ik daar een grote voorraad van heb. Voor de muziekkwaliteit maakt het niks uit, een elco mag ook. Maar die MKT is wel erg degelijk natuurlijk...

Met de ontbrompotmeter is het mogelijk deze zo in te stellen dat er een minimale brom overblijft op de luidsprekeruitgang. De potmeter is overbrugd met twee weerstanden. Zoals je op de foto ziet gebruik ik twee parallel geschakelde weerstandparen van 75 Ohm. Deze waarde is niet kritisch. Tussen pakweg 22 Ohm en 47 Ohm is bruikbaar. Enkele weerstanden van 2 Watt bedoel ik dan. Ik heb ze hier parallel gezet om de lagere weerstand en een hoger vermogen te krijgen. Op de middenpoot van de potmeter komt de ontkoppel condensator. Ga hier voor een kwaliteits C. Zuinigheid is hier verkeerd. Black Gates zijn helemaal niet zo duur, en je hebt er maar twee nodig. 100uF/ 100Volt types. In de voortrap 100uF/ 16 Volt. Ook van dezelfde kwaliteit. Deze condensatoren zitten in de signaalweg, denk daar aan.

Snel vervolgd....

<<< Bladzij 1:
<<< Bladzij 3 (schema's:

<<< Bladzij 4 (Algemene beschrijving):


 

 

Bladzij 3:>> Bladzij 4:>>