Triode Dick's Page
Little Ceasar
Een single ended buizenbak voor alleman...?
Deel 3
Update:17-5-2003

Nog een andere?...

Er was nog een mededinger in het spel, de oude Elna Cerafine dubbele 47/47uF/500volt elco, dezelfde waardes als de Black Gate WKZ. Deze Cerafine c’s zijn helaas uit productie gegaan in de tijd dat de vraag naar componenten zo groot was dat alle productiecapaciteit in de fabrieken nodig was om de computer en telefoniemarkt te bedienen, op de top van de economische gekte drie jaar geleden, toen de bomen nog in de hemel groeiden. Het zou me niet verbazen als deze fraaie elco’s binnenkort weer opnieuw de buizenmarkt zouden enteren. Ik had er nog twee en heb er een jaartje terug nog vier gekocht tegen een toen nog redelijk bedrag, iets wat nu niet meer mogelijk lijkt. Angela dot com in de USA vraagt voor de overgebleven voorraad Elna’s 75 Dollar per stuk. Vier keer zoveel als ruim twee jaar geleden. Het kon wel familie van de GZ37 zijn…

Het zou niet vervelend zijn als Elna zijn 500 volt Cerafines weer in productie zou nemen, want het zijn condensatoren met opvallende eigenschappen.
Alle gebruikte condensatoren hebben honderden uren inspeeltijd gekregen op verschillende versterkers. Neem maar van me aan dat een nieuwe BeeGee niet veel soeps is als je die vlak na een mooie olie C gebruikt. Plat en sombertjes, dat was de eerste indruk de eerste uren van niet echt genieten. Op duurstroom met die jongens… Dat is een noodzaak die ook door de fabrikant van deze befaamde componenten wordt aangeraden. Als ik de voordelige JJ als referentie neem, met zijn ruimtelijke zijdeachtige weergave en afwezige stress, zonder dat het ten koste gaat van detailweergave, geeft de Cerafine een strakkere pinpoint in de diepteplaatsing. Werkelijk loeistrak tekenen die C’s. Het geluid lijkt wat harder en brutaler, maar de s-klanken blijven fraai schoon.

Ik kan me zo voorstellen dat er medehobbyisten zijn die de Cerafine de mooiste vinden. Als je kickt op de strakste pinpoint en strakst afgebakende artiesten op je virtuele podium, kan dit de ware wel eens zijn. Een reden te meer om flink op de deur te slaan bij Elna om ze weer in productie te krijgen… Iedereen moet eigenlijk een mailtje sturen naar de fabrikant…

Dan de Black Gate WKZ, nu wel met ervaring. Wat onmiddellijk in het oor springt, is de vollere body van het geluid dan de JJ en cerafine, dat staat direct. Het geluid is nu open vloeiend, ongestresst, maar (nog?) niet zo ultradiep en retestrak als van de Elna. De WKZ is een juweel van een voedingscondensator, dat staat vast. Het totaalgeluid krijgt een lift ten opzichte van de ‘gewone’ JJ, en de grootste winst wordt op de laagweergave geboekt, die het meest volbloedig en krachtig is bij de WKZ. Maar of de prijs de winst rechtvaardigt?

Ik moet bekennen dat de JJ mij meer dan positief verrast, en het niet vreemd is dat je ze (audio) wereldwijd steeds meer ziet. De BeeGee WKZ bevestigd gewoon zijn reputatie, hoewel er vaak zeer overdreven wordt gedaan over diens kwaliteiten, en alle collega c’s maar tot onbruikbare rommel wordt gedegradeerd. Vervang de voeding elco’s in je wekkerradio voor Black Gate’s en je krijgt een high end geluid…jaja… Niets is minder waar, en laten we eerlijk zijn, als je zoveel moet neertellen voor een paar condensatoren, dan moet daar toch wat tegenover staan?

Korte samenvatting om de wat uitvoerig uitgevallen uiteenzetting wat duidelijker te maken:

. JJ: onverwachte goede elco, die je gerust in je mooie versterkers kunt gebruiken. Ze staan een goed geluid niet in de weg…

• Elna Cerafine: Niet helemaal realistisch natuurlijk om deze niet meer geproduceerde condensatoren uitvoerig te beschrijven, maar ja… Het is een C die me beregoed bevalt, ik had ze nooit eerder gebruikt in een mooie single ended versterker, helaas… domdomdom…

• Black Gate WKZ: De mooiste en beste allrounder in mijn oren. Het geluid van de mooiste olie C, maar met een dosis anabolen in het dielectricum. De veel compactere bouw ten opzichte van olie C’s zorgt er voor dat de bedrading effectief en kort kan worden gehouden, wat ook weer de nodige winst is natuurlijk… En kijk ook eens hoe enorm olie C’s met een capaciteit van twee keer 47uF in omvang zijn…

Maar dat laatste telt uiteraard voor alle drie de condensatoren die hier genoemd worden. Door de identieke diameter en de gebruikte montagebeugel, die standaard bij de Elna geleverd werd, maar ook wel los te koop is, zijn ze in een mum van tijd uit te wisselen. Dat maakt het ook zo aantrekkelijk om gewoon met JJ condensatoren te beginnen. Een eventuele upgrade is later simpel te doen. Binnen een half uur staan de versterkers weer muziek te maken.

Er treedt na verloop van tijd, bij de ene persoon wat eerder dan bij de andere, toch wel weer onrust op, over wat er nog te ‘modificeren’ valt aan de installatie. Das nu eenmaal een audiofiel eigen. Wat zijn we eigenlijk toch gestoord met zijn allen…heerlijk…als het tenminste realistisch blijft…
Maar ja, als je geld je eens weer in je zak brand, geef het dan liever aan Black Gate C’s uit dan aan wazige ‘voodoo en snake oil’ accesoires…

Maar als je een keus moet maken tussen óf het één, óf het andere, geef je duurverdiende geld dan nog veel liever uit aan mooie muziek, daar staat nooit genoeg van in de kast. Een versterker met de mooiste onderdelen gebouwd, maar geen muziek voor je platen- of glimmende schijfjesspeler is nog steeds twee keer niks, een armoedig zooitje. Een dure BMW voor de deur zonder benzine brengt je ook alleen nog maar naar Nergenshuizen…

Koppel C’s:

Ik ben het laatste jaar flink in de weer geweest met Auricap, die als een duveltje uit een doosje de buizenwereld in kwam. Ik was daarvoor het meest gecharmeerd van de Ultratone zilver C’s. Maar ook die zijn al weer uit productie.
De Ultratone heeft wel een minpuntje, dat is dat ze niet gegarandeerd elektrisch lekvrij zijn. Wat koppelen aan een eindbuis een min of meer heikel punt maakt, vooral als je een (te) hoge roosterlekweerstandwaarde gebruikt. De kans dat het spul gaat verlopen of zelfs op hol slaat is niet ondenkbaar. Op dat punt is een folie C in het voordeel. Ik moet er niet aan denken dat mijn kostbare eindpitten er aan zouden gaan door een defecte koppelcondensator. Is ook niet nodig, er zijn genoeg mooie C’s die wel honderdentien procent zekerheid geven. Eén daarvan is de Auricap. Deze doet het meest denken aan een recht stuk draad. Er wordt bijzonder weinig eigen karakter toegevoegd. Kan een nadeel zijn, er valt dan niks weg te werken zoals bijvoorbeeld met Jensen pio’s kan, maar of dat de juiste wijze is?

Zet geen standaard gemetalliseerde folie dingen in, zoals Solen of Audyn, in je versterker. Die zijn veel meer gemaakt voor luidsprekerfilters, en geven een dun, plastic achtig karakter aan je geluid. Zonde van de rest van de versterker.

Let wel even op, ik heb het hier over de Audyn, SCR of Solen cap als koppel condensator, niet als voedingscondensator. Daar kunnen de gemetalliseerde MKP’s wel mooi hun goede werk verrichten. Ik heb ze al veel gebruikt in het verleden, met prima resultaten. Hetzelfde zie je ook met papier in olie c’s. Sommige types zijn schitterend in de voeding, maar als een natte krant als je zo onverhoeds een keer als koppel c gebruikt. Er is één ding zeker: niks is zeker…

Vitamin Q’s blijven mooie condensatoren, maar verbloemen wel meer dan Auricaps. Ze plaatsen minder scherp. Controleer ze wel op lekkage voor je ze aan je eindbuis hangt.

De nieuwe Audio note koperfolie condensatoren zijn prijzig maar van grote klasse. In tegendeel tot de oude door Jensen gemaakte Audio note condensatoren, zijn de nieuwe veel accurater. Dit is een andere favoriet van mij. Je herkent ze aan de koperen buitenkant.
Verder zijn er nog wel meer kwaliteits condensatoren, te veel om allemaal even te noemen. Ik heb er nog een aantal liggen die nog aan de tand moeten worden gevoeld. Dat kan niet in een verloren uurtje. Een nieuw component moet ruim de tijd krijgen om open te bloeien. Sommigen doen dat ook, anderen blijven dicht. Die gaan in het bakje: ‘misschien nog eens op een andere plek’. Een boeiende maar zeer tijdrovende bezigheid.

Een koppel condensator is evenals de eerdergenoemde voeding c’s een component wat in no-time is te wisselen voor een andere, en natuurlijk visa versa, als het niet bevalt. Dat is zeeeeeer belangrijk. De weg terug moet altijd mogelijk zijn. Niet iedere verandering is een verbetering. Integendeel…

Weerstanden…

Hier is minder een buil te vallen dan met condensatoren. Ik ben zelf liefhebber van carbon of koolweerstanden.
Je hebt ze onder andere van Alan Bradley (niet meer in productie), Riken Ohm (erg fraai, redelijk prijzig maar gewoon nieuw te koop), en de standaard carbon weerstand die onder andere in de gewone elektronicawinkel ligt.
Er zijn ook wel metaalfilm weerstanden die er mee door kunnen, zoals de ‘Beyslag’, die zelf meestal bij Conrad koop. Het zijn de weerstanden met het lichtblauw gekleurde huisje. Goedkoop en prima bruikbaar. De bruine Philips metaalfilm weerstanden vind ik te hard van karakter, zal ik niet snel gebruiken.

Op de foto zie je van bovenaf beginnend: een Dale, Riken Ohm, twee maal Allan Bradley, de hieronder beschreven weerstand, Holco en een taltalum weerstand.

Een leuke ontdekking was een carbon weerstand die ik in de plaatselijke elektronicawinkel ontdekte, van hedendaagse productie. Het zijn de rozebruine gekleurde op de foto, derde van onderen. De man achter de balie vertelde dat ze vooral door buizenliefhebbers gebruikt worden… Hoe is het mogelijk?… Het blijken bijzonder goede weerstanden te zijn, voor een paar dubbeltjes stuk. Ik pas ze zonder gewetensbezwaar toe. Ik heb geen idee waar ze vandaan komen of wie ze maakt. Wie het weet mag het vertellen…
De aloude Alan Bradley wordt schaarser en is mondjesmaat onder andere nog te koop bij Mattijs de Vries en nog volop bij de Groef in Groningen. De laatste lijkt een nog enorme voorraad te hebben van dit mooie maar een beetje prijzig geworden spul. Riken Ohm en de tantalum vind je in Nederland bij Jim de Kort van 'Triodes punt nl'.

Bedrading…

Voor de gloeispanningen wil ik een betrouwbare verbinding. Het liefst met teflon isolatie. Dat twist mooi, en is ultra duurzaam. Een bijkomend voordeel is dat teflon niet verbrand als je er met de soldeerbout per ongeluk aankomt.

De signaalwegen kennen maar één materiaal in mijn versterkers: zilver. Om de kosten hoef je het niet te laten, zelfs niet in de meest basale opzet van Little Ceasar. Vroeger was het niet te doen om zilverdraad door de hele installatie te gebruiken, onbetaalbaar bijna. Nu niet meer. Het zilver is voor een paar euro per meter te koop. Lang leve de zelfbouw…

Montagemateriaal

Verder zijn er nog een aantal (mooie RVS) boutjes en moertjes gebruikt om alles op een nette manier op en rond het chassis vast te schroeven. Een paar draadsteunen, luidspreker, cinch, zekeringhouder en een euroaansluiting voor de netkabel maken het compleet.

Hoe het geheel precies in elkaar steekt kun je binnenkort op de opbouwpagina’s lezen en zien. Ik hoop dat het duidelijk is. Zo niet? Een mailtje is snel getypt als er vragen zijn…

 

Little Ceasar deel 1 Inleiding en beschrijving...
Little Ceasar deel 2 Beschrijving vervolg....
Little Ceasar deel 3 Beschrijving vervolg....
Little Ceasar deel 4 Beeldverhaal van de opbouw (deel 1) ...
Little Ceasar deel 5 Beeldverhaal van de opbouw (deel 2) ...
Little Ceasar deel 6 Beeldverhaal van de opbouw (deel 3) ...
Little Ceasar deel 7 Valt er nog wat te tweaken? Reken maar...
   
   
Schema versterker Het schema van de versterkers
Schema voeding Het schema van de voeding
Onderdelenlijst Versterkerkerdeel
Onderdelenlijst Voedingsdeel
   
Trafoset en JJ buizen www.ae-europe.nl
Black Gate elco's www.acoustic-dimension.com
KR buizen www.eurogram.nl
TJ buizen www.audionote.nl